Tekening van bouwvakkersdecolleté met whale tale

Mother I’d like to fuck. Lief? Niet echt. Respectvol? Mwah. Grappig? Ach. Zou je dan toch zo genoemd willen worden? Als je bijvoorbeeld met je koud opgeloste hechtingen en je zwabberbuik probeert je baby stil de treinreis door te loodsen?

Ik wel. Het lag waarschijnlijk aan de hormonen ofzo. Waarom moest ik anders per sé die hele strakke, veel te lage spijkerbroek weer aan? Die ene, die eigenlijk te lang was, dus waar hakken onder moesten die al maanden lang geen daglicht gezien hadden? Die broek die, als ik geen riem omdeed, een bouwvakkersdecolleteetje liet zien?

Ik paste hem eindelijk weer (sinds Luka nam ik nauwelijks tijd om te plassen, laat staan om te eten, waardoor ik slanker was dan voor de zwangerschap), dus deed ik hem aan. Zonder riem. Mijn string piepte er vrolijk onderuit (in goed Nederlands ook wel bekend als whale tail, vraag me niet waarom ik dat weet), dus sjorde ik hem elke drie minuten zo diep mogelijk mijn littekens in. Kansloos.

Ook Luka begon te zakken, uit de draagdoek. Iedereen keek. Omdat hij zo hard huilde. En ze keken nog een keer, om mijn alleroudste alleruitgelubberdste string nader te bestuderen. Of omdat mijn wallen door mijn make-up begonnen te schijnen. Een enkeling vroeg of hij moest helpen (nee!), maar niemand noemde me een MILF.

Maar dat hoefde nu ook niet meer.

Waarom zou ik een MILF willen zijn als ik niet eens gefuckt likete te worden?

Lees ook Vrouw van de wereld – cappu to go.