(12,5 maanden mama)

Er ook zo één, dat ben ik. Ik ben Er Ook Zo Één. Als de nicht van een vriendin van een vriendin, maar het kan ook de buurvrouw van een kennis van mijn zus zijn, een kindje krijgt, sta ik meteen vooraan met mijn goed bedoelde advies.
De telefoongesprekjes met die vriendin/mijn zus of persoon X gaan meestal zo:


“Hoe gaat het met haar? Oh, is ze moe? Uitgeput? Oh ja. Ja, ja, jáá, dat had ik óók! Zeg haar dat ze de eerste week ab-so-luut niet naar buiten gaat. Dat ze de kraamhulp een schop onder haar luie reet geeft. Echt.”
Of:
“Hoe gaat het met haar? Oh, de borstvoeding lukt niet?” Ah. Mijn gevoelige snaar. “Wat dan? Is er al iemand die haar helpt?” Ik vergeet het antwoord af te wachten. “Want anders ken ik wel iemand die haar kan helpen. Een lactatiekundige. Een goeie. Heel leuk tiep. Een tikje geitenwollensokken, dat wel. Ze lijkt zelfs op een geit. En ze stinkt een beetje uit haar mond.” Ik begin een beetje te hijgen. “Misschien helpt het haar als ze weet dat ze niet de enige is die moeite heeft. Ik vond het in het begin ook hel. Hel! Als ik er nog aan denk. Zal ik haar anders even bellen? Wat? Oh. Niet nodig? Al contact met iemand? En wat heeft die gezegd? Oh.”
Stop.
Ineens realiseer ik me dat mijn vriendin/zus/persoon X waarschijnlijk geen boodschap heeft aan mijn ongevraagde advies. Sterker nog, dat de pasgeboren mama waarschijnlijk geen boodschap heeft aan mijn ongevraagde advies. Stom, vergeten.
Wat weet ik nu van haar borstjes, haar melk of haar baby? En wie ben ik om daar een mening over te hebben? Een mama die alles weet over haar eigen borstjes, melk en baby, en daar heel, heel graag over praat en schrijft, en tegen beter weten denkt dat een andere mama daar misschien wel iets aan heeft.
Aha.
Ja hoor, geen twijfel mogelijk, ik ben er ook zo één.

Omdat ik het niet kan laten, heb ik 7 van mijn eigen borstvoedingslessen gewoon vast op deze site gezet.